(On)gewenste vrijages

©Shutterstock

2022 was zeker geen topjaar in Europa inzake fusies en overnames. En dat hoeft gezien de inval van Rusland in Oekraïne en de daarmee gepaard gaande energiecrisis (onzekerheid + hoge productiekosten) zeker niet te verbazen. Private equity kon bovendien niet langer op gratis geld rekenen, zodat vanuit die hoek al evenzeer de gretigheid bekoelde. Stilgevallen is de fusie- en overnamemarkt echter evenmin. Het blijft iets van alle tijden. In tijden van economische groeivertraging of recessie hoeft dat niet noodzakelijk minder te zijn. Schaalgrootte annex prijszettingskracht zijn dan samen met kostenbesparingen immers een remedie tegen slinkende winstmarges. Sommige sectoren - zoals de telecomsector - hebben zelfs nood aan consolidatie om voldoende rendabel te zijn. Een kwestie van overleven zelfs, al maakt de nationalistische reflex in de diverse Europese landen en de regelgeving inzake het er niet gemakkelijk op. Dan hebben we het evenwel over fusies en overnames vanuit een defensieve reflex. 

Als we puur spreken over delistings (bedrijven die door een bod van de beurs worden gehaald), dan gebeurt dat vaak als de waarderingen te laag zijn teruggevallen. Om dezelfde reden komen pas veel nieuwe bedrijven naar de beurs als de waarderingen hoog zijn. Aandelen met een lage waardering zijn dus per definitie ‘kwetsbaarder’ voor een (uitkoop)bod. Waardering en vooruitzichten zijn - samen met een sterke balans - sowieso de belangrijkste drijfveren om een bepaald aandeel te kopen. Als er dan ook nog andere redenen zijn die van een bepaald aandeel een gedroomde prooi maken, dan is dat weldegelijk een extra koopargument. Een potentiële koerstrigger waarvoor geen zekerheid bestaat dat het zich daadwerkelijk zal manifesteren, maar voor een flinke kortetermijnwinst kan zorgen als dat wel het geval is. Voor veel beleggers is het een natte droom dat een of meerdere aandelen uit hun portefeuille dit lot ondergaan. Daarbij wordt wel vaak uit het oog verloren dat dit ten koste gaat van een vaak groter langetermijnpotentieel. Zo dienden we vorig jaar willens nillens in te gaan op het bod van HAL op Boskalis: goed voor een extra rendement, maar op langere termijn zat er veel meer in, daar is HAL zelf alleszins ook van overtuigd. Een troost kan dan zijn dat de opbrengst geherinvesteerd kan worden in nieuwe aantrekkelijke bedrijven/aandelen. In dat opzicht blijft het voor veel beleggers zelfs een wens dat een van hun aandelen een vrijage met een rijkelijke huwelijksschat te beurt valt. In deze Nader Bekeken gaan we dieper in op welke Europese aandelen een net iets grotere kans maken om opgevrijd te worden, al komt een bod vaak totaal onverwacht uit de lucht vallen.