TIPS: een bescherming tegen inflatiegeweld?

©REUTERS

Inflatie is ongetwijfeld hét thema van 2022. In een zoektocht naar koopkrachtbescherming kwamen sommige beleggers terecht bij inflatiegelinkte obligaties. Maar bieden die wel voldoende bescherming tegen een stijgend prijspeil? In het voorjaar van 2020 werden we positief over TIPS. De algemene inflatieverwachtingen waren toen erg laag. Centrale banken pompten nochtans ongeziene hoeveelheden liquiditeiten in het systeem. Inflatiegelinkte obligaties zijn interessant als de uiteindelijke inflatie hoger blijkt dan de break-even-inflatie. Vanaf mei vorig jaar werden we daarom alweer wat voorzichtiger. De inflatieverwachtingen waren toen net als obligatiegelinkte obligaties al flink opgelopen, wat het opwaarts potentieel verkleinde.

Individuele stukken zijn vaak moeilijk verhandelbaar, zodat een ETF te verkiezen is. De op Amsterdam genoteerde iShares Euro Inflation Linked Govt (IE00B0M62X26, IBCI; 224,73 EUR; 0,25% beheerskosten) belegt in Europese staatsobligaties. Daarnaast is er de op Frankfurt genoteerde iShares Global Inflation Linked (IUS5; IE00B3B8PX14; 150,66 EUR; 0,2%) die in wereldwijde staatsobligaties zit. Bij die laatste is er een belangrijk wisselkoerseffect, aangezien een groot deel in Amerikaanse dollar is belegd. Ze zijn beiden fysiek belegd en kapitaliseren hun dividenden. Elk piekten ze in maart, om daarna scherp terug te vallen. Net als gewone obligaties zijn ook inflatiegelinkte effecten rentegevoelig. Vooral de reële rente (het verschil tussen de nominale rente en de inflatie) is van belang. Daarom verkozen we obligaties met een vlottende rente. Ook hiervoor zijn ETF’S: in Parijs is er de synthetische kapitaliserende tracker Amundi Floating Rate USD Corporate (AFLT; LU1681040900, 110,7USD; 0,18%). Die zit in kortlopende Amerikaanse bedrijfsobligaties. In Londen is er de quasi fysieke kapitaliserende iShares USD Floating rate (FLOA; IE00BDFGJ627; 5,28 USD; 0,10%) die hoofdzakelijk in Amerikaanse bedrijfsobligaties belegt. Bij beiden is er een belangrijk wisselkoers-effect, aangezien hun waarde sterk afhangt van de dollar. In Europa is er de synthetische kapitaliserende Lyxor Euro Floating Rate (FLOT; LU1829218319; Parijs; 100,76 EUR; 0,15%). Belangrijk: aan ETF’s die in obligaties beleggen hangt een pittig fiscaal prijskaartje. Op uw behaalde meerwaarde betaalt u een roerende voorheffing van 30%. Zoals u ziet op de grafiek veerden inflatiegelinkte obligaties mooi op in de tweede helft van vorig jaar, maar vielen ze recent weer terug. Obligaties met vlottende rente presteerden erg stabiel, terwijl gewone obligaties stevige klappen kregen. 

Posities in obligaties met vlottende rente en inflatiegelinkte obligaties mogen behouden blijven. In vergelijking met gewone obligaties presteerden ze bij een oplopende inflatie relatief sterk. Als de rente verder aantrekt, zullen er ook bij gewone obligaties stilaan meer koopkansen komen.