Tweelingen: welk aandeel is het beste?

Van diverse bedrijven bestaan er twee soorten aandelen. Vooral in Duitsland en Zweden zijn die populair. In Amerika bestaan er dikwijls ook verschillende soorten aandelen (o.a. van Alphabet, Berkshire Hathaway, Dell Technologies, Go Pro, Meta Platforms, Ford Motor), maar meestal is er maar één categorie beursgenoteerd. Het onderscheid zit hem in de stemrechten. Hierdoor kan het zijn dat aandeel A maar 20% van het totale aantal aandelen betreft, maar wel bijvoorbeeld 60% van de stemrechten vertegenwoordigt. Maar welke aandelen moet u als belegger kiezen? Van de aandelen die we opvolgen, zijn er 7 bedrijven waarvoor het verschil tussen beide aandelen momenteel groot is. Een opportuniteit. 

A en B-aandelen

Investor AB is een Zweedse holding met belangen in o.a. Atlas Copco, ABB, SEB en AstraZeneca. De holding heeft A- en B-aandelen. Bij de A-aandelen is één aandeel één stem. Aan elk ‘B’-aandeel is maar één tiende stemrecht verbonden. De familie Wallenberg bezit 54% van de A-aandelen. Omdat veel A-aandelen in vaste handen zijn, zijn de B-aandelen liquider. De B-aandelen zijn bovendien een pak (9,6%) goedkoper. Dit is evenwel pas een fenomeen van de jongste maanden. In het verleden was er nauwelijks verschil tussen beide klassen aandelen. De B-aandelen noteerden zelfs meestal een fractie hoger. 

Ook bij de producent van netwerkapparatuur Ericsson zijn de B-aandelen veel liquider. Elk aandeel heeft een tiende van een stemrecht. Bij de A-aandelen is één aandeel één stem. De A-aandelen zijn grotendeels in vaste handen. Investor AB bezit 46,1% van de A-aandelen, Industrivarden 32,9% en de Zweedse overheid 16,2%. Er is dus slechts 4,9% in vrije handen. De B-aandelen, die momenteel 6% goedkoper zijn, zijn dan ook veruit te verkiezen. Die korting is historisch eerder hoog. Ook in 2020 en begin 2021 was de korting opgelopen, maar daarbuiten sluiten beide koersen nauw bij elkaar aan. 

Het koersverschil tussen de A- en B-aandelen van vrachtwagen- en busproducent Volvo is met iets meer dan 3% momenteel niet zo groot en ook in het verleden was dat niet het geval. De A-aandelen zijn voor 37,4% in handen van Industrivarden en voor 19,88% in handen van Geely Automobil. De B-aandelen hebben maar een tiende van het stemrecht van de A-aandelen, maar voor particuliere beleggers is dat van ondergeschikt belang. 

De producent van zakenvliegtuigen Bombardier heeft eveneens A en B-aandelen. De liquidere B-aandelen (één aandeel één stem) zijn bijna 8% goedkoper dan de A-aandelen, waar aan elk aandeel 10 stemrechten zijn gekoppeld. De familie Bombardier bezit 80,9% van de A-aandelen. In het verleden waren er nog dergelijke periodes met zo’n korting, maar die zijn eerder schaars. 

Er zijn nog heel wat Zweedse bedrijven die met een duale aandeelhouderstructuur werken, zoals SAAB, Atlas Copco, SEB en de holdings Kinnevik en Latour. 

Gewone en preferente aandelen

In Duitsland wordt niet met A of B-aandelen gewerkt, maar heeft men het over gewone en preferente (vorzugsaktien) aandelen. Naast een verschil in stemrecht en liquiditeit is er ook nog een - weliswaar klein - verschil in dividend. 

Het grootste koersverschil is er tussen de gewone en preferente aandelen van Volkswagen  . Deze laatsten zijn 22% goedkoper, maar hebben geen stemrecht. De preferente aandelen zitten wel in de Duitse beursindex, de DAX, en zijn veel liquider. Ze genieten ook van een dividend dat 6 eurocent p.a. hoger is dan dat op de gewone aandelen. Hoewel het maar een klein verschil in dividend betreft, bieden de preferente aandelen door de lagere koers een dividendrendement van 5,3% bruto, tegenover slechts 4,1% voor de gewone aandelen. Het grote koersverschil is pas begonnen in 2021. De gewone aandelen zitten grotendeels in vaste handen. Porsche Automobil bezit 53,3% ervan, de deelstaat Saksen 20% en Qatar 17%. Porsche Automobil zal wellicht een stuk van deze aandelen verkopen om in te tekenen op de beursgang eind dit jaar van het merk Porsche. Al kan het slechte beursklimaat nog roet in het eten gooien. Hoe dan ook verkiezen we de preferente versie. 

Ook bij die andere autoproducent, BMW, zijn er twee soorten aandelen. De gewone aandelen zijn voor een groot deel in vaste handen (Aqton 25,6% en Klatten Susanne 20,9%). Het zijn de gewone aandelen die in de Duitse DAX zitten en hierdoor ook een pak liquider zijn. Van de preferente aandelen worden er gemiddeld per dag nog altijd meer dan 100.000 aandelen verhandeld, wat voor een particuliere belegger meer dan voldoende is. De huidige korting van zowat 8% is evenwel historisch gezien niet uitzonderlijk veel. In het verleden lag de korting geregeld een pak hoger (zie grafiek). De voorbije tien jaar was het dividend op de preferente aandelen telkens 2 eurocent p.a. hoger dan op de gewone aandelen. Hierdoor bedraagt het brutodividendrendement 8,1% tegenover 7,5% voor de gewone aandelen. 

Ook vorkliftbouwer Jungheinrich heeft beide aandelen, maar enkel de preferente aandelen zijn beursgenoteerd. De familie Jungheinrich heeft de controle over het bedrijf via de niet-beursgenoteerde gewone aandelen. 

Aan toonder en genotscertificaten 

Het Zwitserse farma- en diagnosticabedrijf Roche heeft aandelen aan toonder (bearer) en genotscertificaten (genusschein). Deze laatsten hebben geen stemrecht. De stemgerechtigde ‘bearer’-aandelen zijn voor 67,5% in vaste handen (o.a. familie Hoffmann). De genusscheinen van Roche noteren ruim 12% onder de koers van de toonderaandelen. Opmerkelijk is dat er in het verleden nagenoeg nooit een verschil was. Het is pas sinds 2021 dat de koersen uiteen zijn beginnen lopen.

In november vorig jaar verkocht Novartis haar volledige pakket ‘bearer’-aandelen aan Roche, goed voor een transactiewaarde van 20,7 mld. USD.